Hondensport

‘Een mooi maatje’ wordt vaak over kooikerhondjes gezegd. Een uitspraak waarmee je het alleen maar eens kunt zijn. Tenminste, als bedoeld wordt dat een kooiker een trouwe vriend is, een fijn gezinslid waarmee je van alles kunt ondernemen. Want een kooiker is veel meer dan slechts een hond met een leuk uiterlijk en handzame afmetingen. In die kleine verpakking zit behoorlijk veel hond. Van oorsprong is een kooiker een echte werkhond. Dat maakt dat de meeste kooikers bijzonder in hun element zijn bij vervangend werk, namelijk de hondensport. Sterker nog, ze zijn er vaak ook zeer goed in.

  

Er zijn vele takken van hondensport. De bekendste vormen zijn ongetwijfeld de takken Gedrag & Gehoorzaamheid (of Obedience, naar de Engelse variant), Behendigheid (of Agility), Flyball en Doggydance. Maar er zijn ook onder meer Apporteren & dirigeren, Jachttraining, Treibbal, Speuren en Combisport. Ze hebben alle hun eigen spelregels en doel. Het belangrijkste is dat je leuk bezig bent met je hond. Al moet ik eerlijk toegeven dat ik die sporten vooral zo leuk vind, omdat mijn honden er zo goed in zijn.

 

Gedrag & Gehoorzaamheid

“Wat is er toch met die Kooikers?”, riep de puppyjuf vertwijfeld toen de acht weken oude Xanta en een ander Kooikerpupje bij de eerste puppyles luidkeels aan het piepen waren omdat ze met de andere pups wilden spelen. Iets wat absoluut niet mocht. Op het trainingsveld moest ‘gewerkt’ worden. Een aantal lessen en tientallen snoepjes later kreeg Xanta dat aardig door. Het werd steeds leuker. Niet alleen voor mij, maar ook voor Xanta. Waar gebeurt het dat je baas je voor het doen van wat simpele kunstjes een uur lang enorm prijst, je volstopt met lekkere hapjes en je ook nog eens als beloning achter je rubberen kip aan over het veld laat hollen? Zo wil ze wel veel vaker trainen. Tien jaar later, het G&G3-diploma al geruime tijd op zak, trainden we nog steeds, al was het niet meer zo fanatiek als in de tijd dat nog iedere veertien dagen de hele zondag doorbrachten op een wedstrijdveld ergens in Nederland. Wat ooit begon als een probeersel om eens aan een wedstrijd deel te nemen, mondde uit aan serieuze deelname aan de landelijke G&G-selectiewedstrijden om ons te kunnen kwalificeren voor de Nederlandse kampioenschappen G&G. Drie keer wonnen we zo’n wedstrijd. Drie jaar werden we geselecteerd voor de NK. Drie maal stonden we ook op het podium. Het was een geweldige ervaring.

Xanta's sterke punten: volgen, komen met sta en sorteren.

 

Nog steeds loopt Xanta te stuiteren van plezier als ze iets mag doen - en dat het iets oplevert. Onze laatste wedstrijd: met het team van KC Gooi- en Eemland meedoen aan de Jhr. Gockingabokaal in oktober 2012, in Hilversum als G&G3’er. Ze was toen twaalf jaar oud en kreeg nog een 9,5 voor het volgwerk!

Ook Yoline heeft een G&G1-diploma. Op een haar na haalde ze ook haar G&G2-diploma. Maar helaas: ‘bijna’ telt niet op dit niveau.

Bijou heeft dezelfde werklust als Xanta. Toen zij anderhalf jaar was, slaagde ze met glans voor haar G&G1-examen. Ze haalde zoveel punten dat ze een Uitmuntend kreeg en geen 'ordinair' diploma maar een brevet. We gaan door voor G&G2.

De appel valt niet ver van de boom bij jongste telg Julia. Zij doorliep haar puppycursus met glans.

 

Apporteren/dirigeren

Zes seizoenen volgden Xanta en ik de cursus Apporteren/dirigeren. Ooit ermee begonnen omdat ze nog te jong was voor behendigheid, maar al snel ontdekt dat ze er zo veel aardigheid in had, dat we zijn blijven plakken. Zeker in het begin kon ik de hele week met plezier terugkijken op die lessen, waarbij mijn kleine ‘onderdeurtje’ de Retrievers het nakijken gaf. Er waren er niet veel die er zo als een speer ervandoor schoten de dummy te gaan halen, die vervolgens zo netjes terugbrachten, zo op de lichaamshouding van de baas letten en zo steady waren. Bij de echte jachttraining van de KNJV bleek Xanta helaas panisch voor schotgeluiden, dus hebben we ons beperkt tot de oefeningen in de bossen. In ruil voor brood met rosbief begreep ze dat ze dat water moest overzwemmen en terugkomen met een dummy. Zo leerde ze ook wild vast te pakken. Dummy’s zoeken in bosjes, vooruitsturen… Het leek wel een sportdag voor honden. Zo hebben we drie jaar ook de jachttraining gevolgd.

Kunnen apporteren is heel praktisch: Xanta verzint thuis altijd ‘werkjes’ door ons op de grond gevallen voorwerpen te brengen. Of, in geval van erge trek, zelf van de lectuurmand gepakte tijdschriften …

Ook Yolientje ging al jong op apporteerles. Helaas had zij te veel jachtinstinct om echte jachttraining te kunnen volgen. Zodra haar neusvleugeltjes open gingen bij het ruiken van wild, sloten automatisch haar oren. Dan kun je roepen wat je wilt, voor dat moment was die wegrennende haas veel leuker dan ik – en terecht. Fazanten opstoten kan ze ook als de beste. Als ik jager was, zou ik wekelijks verse fazant op het menu kunnen hebben. Gelukkig voor de fazant is dat niet het geval en rent Yoline evenmin achter de wegvliegende fazant aan. Zodra hij klokkend de lucht inschiet, komt ze naar mij terug om een beloning te halen.

Dochter Bijou heeft dezelfde jachtpassie. Yoline laat het nu meestal aan haar dochter over om door bosjes te struinen. Ook Bijou heeft op Apporteren/dirigeren-les gezeten. 

 

Behendigheid

Ook voor behendigheid draaide Xanta haar pootjes niet om. Supersnel en met het grootste gemak nam ze de hindernissen, slurf, tunnel of de schutting. Op de wip was ze niet zo dol, nadat ze er de eerste cursus – door onwetendheid van mij-  enkele malen vanaf was gelanceerd. Maar plichtsgetrouw als ze is, overwon ze die angst en scheurde ze over het behendigheidsveld. Mijn rug gooide helaas roet in het eten, waardoor we hiermee moesten stoppen.

 

Fitness

Yoline heeft bij KC Gooi- en Eemland nog een seizoen aan Fitness gedaan, waar ze allerlei leuke kunstjes leerde. Dat vindt ze tenminste zelf. Er is geen kunstje waarvan ze zoveel profijt heeft als het ‘mooi zitten’, dat ze dagelijks demonstreert. Het liefst wanneer we aan tafel zitten.

 

Kooikerhondjes zijn van oorsprong werkhondjes. Dat is bij de meeste kooikers nog steeds te merken. Zij zijn het gelukkigst wanneer er iets met hen wordt gedaan waarbij zij hun hersens kunnen gebruiken en waarvoor zij beloond worden.